CF CULVERTS

<- Terug

Op het tabblad CF CULVERTS maakt u alle gegevens aan voor de knopen van het type culvert (duiker) van de 1D Flow-module van SOBEK. In dit document bespreken we alle bijbehorende datavelden.

Iedere duiker beslaat één rij in het werkblad.

Voor velden met een * is invullen verplicht.

Veld
Eenheid
Aanwijzingen
ID *

Het ID van de CF Culvert-knoop.
Name

De naam van de CF Culvert-knoop. Optioneel.
X

De X-coŲrdinaat van de CF Culvert-knoop.

Dit veld wordt automatisch gevuld wanneer je een bestaand SOBEK-model inleest, maar bij het creŽren van een 1D-flow model heeft invullen eigenlijk geen nut. Het 1D-Flow netwerk moet immers worden gemaakt met GIS-bestanden.
Y

De X-coŲrdinaat van de CF Culvert-knoop.
 
Dit veld wordt automatisch gevuld wanneer je een bestaand SOBEK-model inleest, maar bij het creŽren van een 1D-flow model heeft invullen eigenlijk geen nut. Het 1D-Flow netwerk moet immers worden gemaakt met GIS-bestanden.
Type*

Een keuzeveld met drie opties voor verschillende typen culverts:
  • Culvert - een gewone duiker
  • Siphon - een sifon die onder een object of watergang doorloopt
  • Inverted Siphon - een sifon die over een object of watergang heenloopt.
Shape*

Een keuzeveld met vier opties voor verschillende vormen van de duiker of sifon:
  • Round - een ronde duiker
  • Rectangular - een rechthoekige duiker
  • Tabulated - een vorm die met een hoogte/breedte-tabel wordt beschreven
  • Ellipse - een ellipsvormige duiker
Inlet coef*
-
CoŽfficiŽnt voor inlaatverliezen
Outlet coef*
-
CoŽfficiŽnt voor uitlaatverliezen
Bend*
-
CoŽfficiŽnt voor bochtverliezen
width/diameter*
m
Breedte van de duiker. In het geval van ronde duikers tevens de diameter.
Height*
m
Hoogte van de duiker
Length*
m
Lengte van de duiker
invert upstream*
m NAP
BOB van de duiker aan de bovenstroomse kant. Bovenstrooms is gedefiniŽerd als 'tegen de takrichting in'.
invert downstream*
m NAP
BOB van de duikers aan de benedenstroomse kant. Benedenstrooms is gedefiniéerd als 'met de takrichting mee'.
Has valve?

Een keuzeveld of deze duiker al dan niet een afsluitklep heeft:
  • yes - duiker is uitgerust met een afsluitklep
  • no - duiker is niet uitgerust met een afsluitklep
Initial height
m
InitiŽle hoogte van een eventuele afsluitklep. Alleen gebruikt wanneer in het veld Has valve? yes is geselecteerd.
Controller ID

Verwijst naar een controller op het werkblad CF CONTROLLERS. Het betreft hier een controller voor het sturen van een eventuele afsluitklep op de duiker. Wordt dus alleen gebruikt wanneer in het veld Has valve? yes is geselecteerd.
Ground Layer Thickness*
m
Dikte van een eventuele sliblaag. 0 = geen sliblaag.
Flow direction*

Keuzeveld met vier opties voor mogelijke stromingsrichting door de duiker:
  • Both
  • Positive
  • Negative
  • None
Merk op dat de termen positive en negative bedoeld zijn ten opzichte van de gedefiniŽerde richting van de tak waarop de duiker ligt. Positive = met de takrichting mee, negative = tegen de takrichting in.
Friction type*

Keuzeveld met mogelijke ruwheidstypen voor de duiker:
  • Chezy
  • Manning
  • Strickler Kn
  • Strickler Ks
  • White-Colebrook
  • Bos and Bijkerk
  • Global friction
In het geval van Global friction wordt voor deze duiker de globale ruwheidswaarde gebruikt. Deze kun je specificeren op het werkblad CF SETTINGS.
Friction value*
diverse
Ruwheidswaarde die geldt voor deze duiker. Hoeft niet te worden ingevuld wanneer de Global friction wordt gebruikt.
on level
m NAP
aanslagpeil (alleen voor sifons)
off level
m NAP
afslagpeil (alleen voor sifons)

<- Terug








try { var pageTracker = _gat._getTracker("UA-15884032-1"); pageTracker._trackPageview(); } catch(err) {}